Facebook

Onterecht ontslag op staande voet na Facebookberichten

Gepubliceerd op 30 mei 2017

Op 21 april 2015 is een werknemer op staande voet ontslagen door zijn werkgever omdat hij dreigende Facebookberichten zou hebben geplaatst die betrekking hebben op de werkgever. Maar had de werkgever wel een gegronde reden voor het ontslag?

Voor ontslag op staande voet gelden strenge eisen. De werkgever moet een dringende reden hebben die rechtvaardigt dat hij zijn werknemer zonder opzegtermijn de deur mag wijzen.

De situatie

De werknemer werkte bij een detacheringsbedrijf. In maart 2015 zou de werknemer dreigende berichten op Facebook hebben geplaatst over (of bestemd voor) zijn werkgever. Enkele weken nadat die berichten op Facebook werden geplaatst, op 21 april 2015, heeft zijn werkgever hem op staande voet ontslagen.

Geen dringende reden

De zaak is behandeld bij de rechtbank. Tijdens de zitting op 9 maart 2017 bleek dat de werkgever niet gezien heeft dat de medewerker die bedreigende Facebookberichten daadwerkelijk zelf schreef of publiceerde. Hetzelfde geldt voor de aanwezige getuigen.

De werkgever en getuigen hebben de berichten ‘slechts’ gezien op Facebook. Zij zijn ervan uitgegaan dat de werknemer de auteur was omdat zijn naam boven de berichten stond. Omdat niemand heeft gezien dat de werknemer die berichten geschreven of gepubliceerd heeft, oordeelde de kantonrechter dat de werkgever geen dringende reden had voor het ontslag.

Leaseauto

De werknemer is tot vier maanden na het ontslag onrechtmatig in het bezit geweest van de leaseauto die hij van de werkgever ter beschikking gesteld had gekregen. De werkgever had in de ontslagbrief opgenomen dat de werknemer na zijn ontslag, per 1 mei 2015, de auto had moeten inleveren. Omdat hij de auto pas op 31 augustus 2015 heeft ingeleverd, oordeelde de kantonrechter dat de werknemer verzuim heeft gepleegd.

Uitspraak kantonrechter

De werkgever had, op grond van het arbeidscontract, een opzegtermijn van 4 maanden en 10 dagen in acht moeten nemen. Daarom heeft de kantonrechter een gefixeerde schadevergoeding toegekend van € 14.000,- die voor rekening is van de werkgever. Dit bedrag is opgemaakt uit het niet betaalde salaris en vakantiegeld (8% van salaris) over de periode april tot september 2015.

De werknemer is veroordeeld tot het betalen van de kosten voor de leaseauto. Hieronder vallen de brandstofkosten, gebruikerskosten, schade aan de auto en het eigen risico. Dit komt uit op een bedrag van € 4.703,97, te vermeerderen met de wettelijke rente over betreffende periode.

Werkgever en werknemer zijn beide veroordeeld tot betalen van hun eigen procedurekosten.

In één procedure

Het aardige van deze procedure is dat zowel de vordering over dat ontslag als ook de gemaakte auto kosten in één uitspraak toegekend zijn. In het oude ontslagrecht moesten in dit soort situaties twee verschillende vorderingen in twee verschillende procedures gevorderd worden. In het nieuwe ontslagrecht – van kracht sinds 1 juli 2015 – kan dit in één procedure door indiening van één verzoekschrift.

Ontslagrecht advocaat

Meer weten over ontslag op staande voet? Neem contact op met een ontslagrecht advocaat van Van Ruyven Advocaten in Utrecht.

Rechtbank Den Haag, 09-03-2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:5162


Deel dit artikel

Recente berichten